Home › Gooise Meren › Motie
M26-94 Motie PLEK De stadsecoloog; belangrijke ‘spin in het web’. Terugdraaien vermindering formatie
Uitslag onbekend
| Type | Motie |
| Gemeente | Gooise Meren |
| Ingediend door | PLEK |
| Datum | 2026-10-28 |
| Dataniveau | Alleen documenten |
| Bron | Download brondocument → |
Document
Geëxtraheerde tekst
Gemeenteraad Gooise Meren
Motie
Naam en fractie: Max de Goede (PLEK)
Onderwerp: De stadsecoloog; belangrijke ‘spin in het web’ bij de uitvoering van biodiversiteits-, groen- en
natuurbeleid. Terugdraaien van 0,5 naar 1.0 FTE
Agendapunt (nr. en naam): M26-94 Begroting, Programma 3: Passend wonen in een groene omgeving- 3.2.
Buitenruimte & leefomgeving
Status: Ingediend
Versie: 1.0
Bovengenoemd(e) raadslid/-leden dient/dienen de volgende motie in;
De raad van de gemeente Gooise Meren in vergadering bijeen,
Verzoekt het college:
1. Bij de uitwerking van het College Uitvoeringsprogramma en de begroting 2027 af te zien van verdere bezuinigingen
op de stadsecoloog en de formatie te herstellen naar ten minste 1,0 fte;
2. De benodigde structurele middelen hiervoor inzichtelijk te maken en de raad te informeren over de wijze waarop
deze capaciteit wordt geborgd
En gaat over tot de orde van de dag.
Toelichting
Constaterende dat:
1) Recent nog een motie door een ruime meerderheid van de raad is aangenomen om de natuur een stem te geven;
2) voormalige wethouder (natuur) Hugo Bellaart nog kortgeleden, bij het in ontvangst nemen van het eerste exemplaar
van het boek Rechten van de Natuur in een interview met Trouw zei “We zochten al naar manieren om de natuur
nadrukkelijk een stem te geven. Bijvoorbeeld door een stadsecoloog aan te stellen, die juist vanuit het
natuurperspectief meedenkt bij beleid. We onderzoeken nu wat we nog meer kunnen doen.”;
3) de formatie voor de gemeentelijke stadsecoloog is nu teruggebracht van 1,0 fte naar 0,5 fte;
4) het college aangeeft dat dit leidt tot minder ondersteuning van bewonersinitiatieven, langere doorlooptijden bij
ecologische toetsing en vergunningverlening en minder inzet op monitoring en borging van soortenbescherming;
Overwegende dat:
5) de stadsecoloog een centrale rol vervult (spin in het web) in de coördinatie, advisering en uitvoering van het
gemeentelijke biodiversiteitsbeleid en daarmee een belangrijke verbindende schakel is tussen beleid, gemeentelijke
projecten, groenbeheer en lokale natuurorganisaties;
6) voldoende ecologische deskundigheid aan de voorkant kan helpen om natuurbelangen tijdig mee te nemen,
vertragingen en herstelmaatregelen achteraf te voorkomen en daarmee onnodige maatschappelijke en
gemeentelijke kosten te beperken;
7) een vermindering van de ecologische capaciteit het risico met zich meebrengt dat gemeentelijke
biodiversiteitsambities moeilijker en minder efficiënt worden gerealiseerd
Tekst uit PDF geëxtraheerd