Home › Hattem › Motie

Bijlage nadere uitwerking vragen motie verkentoren

Uitslag onbekend
TypeMotie
GemeenteHattem
Datum2026-06-09
DataniveauAlleen documenten
BronDownload brondocument →

Document

Geëxtraheerde tekst

Bijlage: nadere uitwerking vragen motie Naar aanleiding van de ingediende motie is opnieuw onderzocht welke interventies passend zijn bij de situatie rond de Verkentoren. In deze nadere uitwerking wordt uw raad meegenomen in de beantwoording van de vragen die zijn gesteld in de motie van 16 maart 2026. In deze nadere uitwerking wordt uw raad geïnformeerd over de mogelijkheden ten aanzien van fysieke maatregelen, de versterking van toezicht en handhaving en het aanbod van activiteiten voor jongeren in Hattem. Tevens wordt ingegaan op de vraag in hoeverre cameratoezicht als maatregel passend en juridisch uitvoerbaar is. Alternatieven jongeren Hattem In Hattem is er divers aanbod voor jongeren bij sport- en muziekverenigingen en doormiddel van de inzet van buurtsportcoaches en jongerenwerk. In aanvulling op het bestaande aanbod is per 1 april 2026 gestart met het programma Krachtig Hattem in de Marke. Binnen dit programma wordt, in nauwe samenwerking met het jongerenwerk, structureel en laagdrempelig aanbod voor jongeren georganiseerd. Dit bestaat onder andere uit: • • • • • Maandelijks een jongerenavond; Wekelijks (op woensdag) een spelletjesmiddag; Maandelijks een meidenmiddag; Twee keer per week inloopmomenten in jongerencentrum de Hangout; Aanvullende thematische activiteiten gedurende het jaar (bijvoorbeeld rondom Moederdag en Vaderdag). Dit aanbod is recent gestart, het wordt zeer positief ontvangen door jongeren. Het aanbod wordt de komende periode verder doorontwikkeld op basis van behoeften van jongeren. Fysieke aanpassingen Verkentoren In de vorige raadsinformatiebrief zijn verschillende fysieke maatregelen overwogen om het uittrekken van riet bij de Verkentoren te ontmoedigen. Naar aanleiding van de motie, waarin wordt gevraagd naar de mogelijkheden voor fysieke aanpassingen, lichten wij de verschillende opties en overwegingen toe. • Aanpassingen aan de dakvoet (gaasdakvoet of koperen dakvoet) Bij toepassing van een gaasdakvoet of koperen dakvoet wijzigt het aanzicht van de Verkentoren. Voor beide varianten is een vergunning vereist. Beide oplossingen hebben als voordeel dat het uittrekken van riet wordt bemoeilijkt. Een gaasdakvoet heeft een vervangingstermijn van circa tien jaar en kan financieel worden ingepast binnen het Meerjarenonderhoudsplan (MJOP). Een koperen dakvoet kent een langere levensduur (circa dertig jaar), maar is aanzienlijk kostbaarder en vraagt om aanvullende middelen. Daarnaast is sprake van een verhoogd risico op diefstal vanwege de materiaalwaarde. Bij de eerdere bouwaanvraag voor de herbouw van de Verkentoren (na de brand) heeft de commissie ruimtelijke kwaliteit (CRK) een negatief advies uitgebracht over de koperen dakvoet, wat relevant kan zijn bij de beoordeling van deze variant. • Intensiveren van beheer (rietonderhoud) Het periodiek bijvullen van riet maakt onderdeel uit van het reguliere onderhoud. Indien gewenst kan de frequentie hiervan worden verhoogd om schade door het uittrekken van riet sneller te herstellen. Deze maatregel heeft geen invloed op het aanzicht en kan binnen het reguliere onderhoud worden uitgevoerd, maar neemt niet weg dat het riet wordt uitgetrokken. • Verwijderen van het riet Een alternatieve maatregel is het volledig verwijderen van het riet. Dit verkleint zowel het risico op brand als de mogelijkheid tot het uittrekken van riet. Ook voor deze ingreep is een vergunning vereist. De kosten kunnen worden gedekt vanuit het MJOP. Daartegenover staat dat het aanzicht van de Verkentoren ingrijpend wijzigt. • Plaatsen van hekwerken rondom de Verkentoren Het plaatsen van een sierhek rondom de Verkentoren wordt nader onderzocht. Realisatie hiervan leidt tot een smallere doorgang langs de toren en maakt de toren uitsluitend toegankelijk via een afsluitbare deur. Dit zorgt ervoor dat enkel mensen met toegang de Verkentoren kunnen bezoeken. Tot 2015 was sprake van een vergelijkbare situatie; ervaringen uit die periode laten zien dat personen desondanks toegang wisten te verkrijgen. Indien het doel is om de toegang daadwerkelijk te beperken, kan aanvullend worden gedacht aan het plaatsen van circa 1,5 meter hoge hekwerken met afsluitbare draaipoorten bij beide ingangen. Deze dienen op vaste tijden te worden afgesloten. Aan de zijde van het Hooge Huis is hierbij afstemming met omwonenden noodzakelijk in verband met het gebruik van aanwezige schuren. Beide varianten hebben invloed op het aanzicht en zijn vergunning plichtig. Daarnaast zijn deze maatregelen kostbaar en niet te dekken binnen de huidige begroting, waardoor aanvullende middelen benodigd zijn. Verdere uitwerking en onderzoek zijn noodzakelijk. Een gaasdakvoet wordt beschouwd als de meest effectieve en minst ingrijpende maatregel om het uittrekken van riet te beperken. Deze maatregel heeft echter wel gevolgen voor het aanzicht van de Verkentoren en voorkomt bovendien niet dat vogels riet uit het hoger gelegen deel van het dak blijven uittrekken. Een passend alternatief waarbij het aanzicht van de Verkentoren behouden blijft, is het intensiveren van het rietonderhoud. Deze keuze richt zich primair op het herstellen van de ontstane schade. In dat kader zijn, naar aanleiding van de eerdere informatiebrief aan uw raad, herstelwerkzaamheden aan het riet uitgevoerd om ontstane schade te herstellen. Deze maatregel voorkomt echter niet dat opnieuw riet uit het dak wordt getrokken. Intensiveren toezicht en handhaving De Verkentoren vormt voor de buitengewoon opsporingsambtenaren (boa’s) van de gemeente Hattem een structureel onderdeel van de surveillancerondes. Vanwege de ervaren overlast krijgt deze locatie daarbij expliciet extra aandacht. Dit geldt eveneens voor de wijkagenten en jeugdagenten, die goed geïnformeerd zijn over de actuele situatie rondom de Verkentoren en hier in hun toezicht en handhaving rekening mee houden. De boa’s zijn inzetbaar in de avonduren en weekenden tot 22.00 uur. Binnen de huidige personele capaciteit is het niet mogelijk deze inzet structureel verder te intensiveren. Wel is in de afgelopen periode tijdelijk extra toezicht ingezet, waaronder in de avond- en nachtelijke uren. Deze inzet wordt de komende periode voortgezet. De inzet van toezicht en handhaving heeft een preventieve werking en draagt bij aan een beter beeld van de situatie op locatie. Daarnaast maakt deze inzet het mogelijk om veroorzakers concreet in beeld te krijgen, zodat gerichte interventies kunnen worden toegepast in plaats van generieke maatregelen op de locatie zelf. Dit sluit aan bij de door het college beoogde aanpak, waarbij wordt ingezet op het gericht aanpakken van veroorzakers op basis van feitelijke waarnemingen en beschikbare informatie. Gelet op de reeds ingezette aanvullende toezichtsinzet in de avond- en nachtelijke uren wordt verdere intensivering van toezicht en handhaving op dit moment niet noodzakelijk geacht. Indien de situatie daar aanleiding toe geeft, kan opnieuw worden bezien of aanvullende inzet wenselijk is. Cameratoezicht De inzet van cameratoezicht op grond van artikel 151c van de Gemeentewet is een ingrijpend instrument dat uitsluitend gerechtvaardigd is bij ernstige en structurele verstoringen van de openbare orde. Het betreft situaties waarin sprake is van aanhoudende onveiligheid, substantiële aantasting van de leefbaarheid en frequent noodzakelijke inzet van politiecapaciteit. Cameratoezicht wordt binnen het veiligheidsdomein beschouwd als een ultimum remedium. Dit vloeit voort uit zowel de impact op de persoonlijke levenssfeer van inwoners als de aanzienlijke inzet van schaarse politiecapaciteit, aangezien camerabeelden in de regel live dienen te worden uitgekeken door de politie. Dit brengt met zich mee dat de maatregel alleen passend is indien lichtere interventies onvoldoende effect sorteren. Een zorgvuldige en objectieve analyse van de veiligheidssituatie vormt de basis voor een dergelijke afweging. Uit de beschikbare politiecijfers blijkt dat het aantal meldingen op de betreffende locatie beperkt is. Bovendien blijkt uit de aard van de meldingen dat deze voornamelijk betrekking hebben op hinderlijk, maar relatief licht overlastgevend gedrag, zoals samenscholing van jongeren, het veroorzaken van kleine vernielingen (zoals het uittrekken van riet) en het achterlaten van afval. Ter duiding is gekeken naar situaties in omliggende gemeenten waar cameratoezicht is ingezet. Daarbij gaat het om casuïstiek van een wezenlijk andere orde. Zo is in Heerde tijdelijk cameratoezicht toegepast na meerdere incidenten met explosieven bij een woning, die duidden op een gerichte en ernstige dreiging voor de openbare orde en veiligheid. In Oldebroek is cameratoezicht ingezet op het Meidoornplein, waar sprake was van langdurige en zware overlast, waaronder geweldsincidenten, illegaal vuurwerk, brandstichting en drugshandel. Op basis van deze voorbeelden moet worden geconcludeerd dat in de huidige situatie geen sprake is van een vergelijkbare ernst of intensiteit van de problematiek. Daarmee ontbreekt de noodzakelijke proportionaliteit voor de inzet van cameratoezicht. Deze conclusie is bevestigd in de toetsing door het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (CCV) en onderschreven door zowel de interne Functionaris Gegevensbescherming als de Privacy Officer. Vanuit beide perspectieven is vastgesteld dat cameratoezicht in de huidige situatie niet in verhouding staat tot de aard en omvang van de problematiek. De raad heeft tevens verzocht om een kosteninschatting voor de inzet van cameratoezicht. Er is een kosteninschatting opgevraagd welke uitkomt zo’n €3500,(excl. btw) per maand. Een keuze in de hoeveelheid camera’s en stroomaansluitingen kunnen dit bedrag nog verhogen. Deze kosteninschatting is exclusief personeelskosten. De inzet van cameratoezicht legt een aanzienlijk beslag op de beschikbare capaciteit van de gemeente, het Openbaar Ministerie en met name de politie, onder andere vanwege het live uitkijken van beelden. De inzet van cameratoezicht betreft daarmee niet alleen inhoudelijk, maar ook financieel een ingrijpende maatregel, die zal leiden tot een overschrijding van de huidige begroting. Mocht zich in de toekomst een structurele en duidelijke toename voordoen van incidenten waarbij strafbare feiten de openbare orde en leefbaarheid aantasten, dan kan de burgemeester opnieuw besluiten om cameratoezicht te overwegen en dit bespreken in de lokale driehoek. Op dit moment wordt door de politie geen noodzaak gezien voor de inzet van cameratoezicht. Daarnaast geldt het subsidiariteitsbeginsel: minder ingrijpende maatregelen dienen eerst te worden toegepast en moeten aantoonbaar onvoldoende effect hebben voordat tot cameratoezicht kan worden overgegaan. Het college is van oordeel dat er op dit moment nog diverse alternatieve, minder ingrijpende interventies beschikbaar zijn die eerst benut dienen te worden. Verder is cameratoezicht per definitie een tijdelijke maatregel, waarvan de duur periodiek in afstemming met de officier van justitie moet worden heroverwogen. Dit maakt het instrument minder geschikt als structurele oplossing voor overlastproblematiek. Daarnaast bestaat het risico dat overlast zich verplaatst naar andere locaties binnen Hattem of dat het toezicht wordt ontweken dan wel dat de camera’s doelwit worden van vernieling. Gelet op het voorgaande geeft het college op dit moment de voorkeur aan een aanpak gericht op preventie, zichtbaar toezicht en gerichte interventies op de betrokken jongeren. Deze aanpak sluit beter aan bij de aard van de problematiek en biedt naar verwachting een duurzamer effect op de leefbaarheid en veiligheid in de betreffende omgeving. Vervolg: Het is de wens van het college om na de zomer uw raad opnieuw te informeren over het aantal meldingen en het effect van ingezette interventies.

Tekst uit PDF geëxtraheerd