Home › Montferland › Document

Monitor opvolging aanbevelingen rekenkamerrapporten

Raadsvoorstel
TypeRaadsvoorstel
GemeenteMontferland
Datum2026-11-16
BronDownload brondocument →

Document

Geëxtraheerde tekst

Inhoudelijke voorbereiding rondetafelgesprek monitor opvolging aanbevelingen rekenkamerrapporten 1. Grondbeleid – versnelling woningbouw Constatering De raad heeft op 30-01-2025 expliciet de aanbeveling overgenomen om een Plan van Aanpak (PvA) voor versnelling van de woningbouw te maken, met daarin min. een vijfjaarsprognose, een planning van grondexploitaties én de benodigde ambtelijke capaciteit. Uit de monitor blijkt niet dat dit PvA als zodanig is opgesteld. In plaats daarvan wordt verwezen naar informatie in de jaarrekening 2025 en het Meerjarenperspectief Grondexploitaties (MPG). Daarmee lijkt de aanbeveling inhoudelijk anders te zijn uitgevoerd dan de raad heeft opgedragen. Daarnaast heeft de raad gevraagd om, naast de reguliere P&C-stukken en het MPG, jaarlijks te worden bijgepraat over de voortgang van de uitvoering van het vastgestelde beleid. Uit de monitor blijkt dat hiervoor ‘op korte termijn’ een moment wordt gepland. Een concrete planning en structurele borging van dit jaarlijks bijpraatmoment ontbreekt. Gesprekspunten 1. Hoe beoordelen we dit bestuurlijk? Kan het college een expliciete opdracht van de raad op een andere wijze uitvoeren omdat het van mening is dat daarmee materieel hetzelfde resultaat wordt bereikt? Of had het college het gevraagde PvA moeten opstellen, dan wel aan de raad moeten voorleggen waarom het daarvan wilde afwijken? 2. Los van de formele uitvoering: hoe kan de raad op basis van de huidige informatie integraal beoordelen of de beoogde versnelling van de woningbouw daadwerkelijk wordt gerealiseerd, welke knelpunten de realisatie daarbij belemmeren, of de daarvoor benodigde ambtelijke capaciteit voldoende beschikbaar is en, zo niet, hoe dit wordt aangepakt? 3. Hoe wordt het jaarlijkse bijpraatmoment over de voortgang concreet en structureel ingericht? Wanneer vindt dit plaats, krijgt dit een vaste plek in de bestuurlijke kalender en welke informatie mag de raad daarbij verwachten? 2. Informatievoorziening en kwaliteit raadsvoorstellen Constatering De oorspronkelijke aanbeveling van de Rekenkamer vraagt om verbetering van de informatievoorziening aan de raad door met de griffie afspraken te maken over de kwaliteitsbewaking van raadsvoorstellen én over de wijze waarop de interactie tussen raad en ambtelijke organisatie kan worden verbeterd. 1 De monitor noemt inmiddels verschillende activiteiten: de overgang naar Notubiz, een AI- schrijfkader, externe toetsing van raadsvoorstellen en feedback van raadsleden. De monitor concludeert dat concrete stappen zijn gezet en dat verbetering doorlopende aandacht houdt. Daarmee is echter nog niet duidelijk of en hoe wordt vastgesteld dat de kwaliteit van de raadsvoorstellen daadwerkelijk is verbeterd, hoe de structurele kwaliteitsbewaking is ingericht, wie daarvoor verantwoordelijk is en wanneer de aanbeveling uiteindelijk als gerealiseerd kan worden beschouwd. Gesprekspunten 1. De aanbeveling gaat nadrukkelijk over kwaliteitsbewaking van raadsvoorstellen. Hoe is deze kwaliteitsbewaking inmiddels structureel ingericht, wie is daarvoor verantwoordelijk, aan welke criteria worden raadsvoorstellen getoetst en wat gebeurt er wanneer een voorstel niet aan die criteria voldoet? 2. Los van de ingezette maatregelen: hoe kan de raad vaststellen dat de kwaliteit van de informatievoorziening én de raadsvoorstellen daadwerkelijk is verbeterd, welke tekortkomingen nog worden geconstateerd, hoe daarop wordt bijgestuurd en op basis waarvan uiteindelijk kan worden vastgesteld dat de aanbeveling daadwerkelijk is gerealiseerd? 3. Is het voor een effectieve monitor voldoende om vast te leggen welke verbeter- maatregelen zijn uitgevoerd, of moet de monitor ook inzicht geven in het aantoonbare effect daarvan en in de criteria op basis waarvan de aanbeveling uiteindelijk als afgerond kan worden beschouwd? 3. Wmebv (Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer) Constatering De raad heeft op 3 juli 2025 verschillende aanbevelingen overgenomen waarin concrete termijnen waren opgenomen. Zo werd gevraagd om een projectgroep vóór 1 juli 2025 in te stellen, vóór 1 maart 2026 een PvA voor documentatie en kennisborging op te stellen en vóór 1 januari 2026 de invulling van de zorgplicht formeel vast te leggen. De termijn voor de projectgroep was ten tijde van het raadsbesluit overigens al verstreken. Uit de monitor blijkt dat verschillende onderdelen nog lopen. Voor het PvA wordt b.v. gemeld dat projecten vanuit ICT en Informatiebeheer worden samengebracht en dat prioritering nog moet plaatsvinden. De formele vastlegging van de zorgplicht wordt inmiddels in december 2026 verwacht. Daarmee zijn verschillende door de raad gestelde termijnen verstreken of verschoven, terwijl de monitor veelal de kwalificatie “lopend” gebruikt. Daardoor is voor de raad niet 2 steeds duidelijk zichtbaar dat sprake is van een afwijking, wat daarvan de oorzaak en gevolgen zijn en welke nieuwe planning geldt. Gesprekspunten 1. De raad heeft bij verschillende Wmebv-aanbevelingen niet alleen bepaald wat moest gebeuren, maar ook binnen welke termijn. Uit de monitor blijkt dat enkele van deze termijnen zijn overschreden zonder dat het gevraagde resultaat volledig is gerealiseerd. Hoe beoordelen we dit bestuurlijk en hoe behoort het college in zo'n situatie de raad tijdig te informeren over de afwijking, de oorzaak, de gevolgen en de aangepaste planning? 2. Hoe kan de raad op basis van de huidige informatie beoordelen welke onderdelen van de Wmebv inmiddels daadwerkelijk en aantoonbaar zijn geïmplementeerd, welke onderdelen nog niet, welke risico's daardoor eventueel nog bestaan en welke maatregelen worden genomen om die risico's te beheersen en de resterende onderdelen af te ronden? 3. Is de kwalificatie ‘lopend’ voldoende wanneer een door de raad gestelde termijn inmiddels is verstreken, of moet de monitor juist expliciet zichtbaar maken dat sprake is van een afwijking van de oorspronkelijke planning, incl. oorzaak, consequenties, bijsturing en een nieuwe einddatum? Zou daarbij b.v. onderscheid moeten worden gemaakt tussen op schema, vertraagd, afwijking van planning en afgerond? 4. Algemeen aandachtspunt – bruikbaarheid van de monitor Constatering In verschillende onderdelen van de monitor worden plannings-/voortgangsaanduidingen gebruikt als ‘deze periode’, op korte termijn’, in de komende periode’ en ‘later in 2026’. Dergelijke formuleringen bieden de raad onvoldoende houvast om te kunnen volgen of de uitvoering op schema ligt en wanneer een aanbeveling opnieuw kan worden beoordeeld. Gesprekspunt 1. Hoe beoordelen we bestuurlijk het gebruik van dergelijke niet-concrete plannings- aanduidingen? Is het wenselijk om als vaste werkwijze af te spreken dat bij nog openstaande aanbevelingen steeds ten minste een concrete streefdatum, eventuele afwijking van de oorspronkelijke planning, de reden daarvan en de wijze en het moment van terugkoppeling aan de raad worden vermeld? Daarbij is tevens de vraag op basis van welke criteria wordt vastgesteld dat een aanbeveling daadwerkelijk is afgerond en uit de monitor kan worden afgevoerd. ’s-Heerenberg, 30 september 2026 John Teunissen 3 4

Tekst uit PDF geëxtraheerd